This is a Dutch-language ABC of Puppetry ('poppentheater-abc') with nearly five hundred entries. This section
contains an explanation of the terms, expressions, concepts, puppetry techniques, characteristic
puppet theatre figures and important people.

Foekepot

Een primitief muziekinstrument. Het woord 'foek' geeft de grappige toon van het instrument weer. Deze naamgeving noemt men een 'onomatopee', dat wil zeggen een door klanknabootsing gevormd woord. Dat geldt ook voor het Italiaanse rammelinstrument de triccaballacco. De klank van de foekepot, ook wel rommelpot genoemd, wordt veroorzaakt door een pot waar via de bovenkant een riet, stok of twijg in is gestoken. Over de opening van de pot is een varkensblaas gespannen. Door over het iets bevochtigde en uitstekende riet te wrijven komt het foek-geluid tot stand. Jongeren gaan in de carnavalstijd met dit 'bedelwerktuig' al zingend langs de buurtbewoners om geld of snoep op te halen. ''k Heb zolang met de foekepot gelopen, nog geen geld om brood te kopen. Foekepotterij, foekepotterij, geef me een oortje (muntje) dan ga ik voorbij.'
Zie ook Hanske knap.


Illustratie uit: Goe Vollek.
Impressum: BelgiŽ, (1990?).